Categorie archief: GGZ

Onrust bij dementie; rigoureus pijn bestrijden?

In Noorwegen heeft men opzienbarende resultaten geboekt in een onderzoek naar de effecten van pijnbestrijding bij mensen met dementie in verpleeghuizen [1]. Volgens onderzoekers Husebo et al. werkt systematische medicinale pijnbestrijding om onrust (agitation) bij dementerenden significant te verminderen in vergelijking met dementerenden die standaardzorg ontvingen. Nursing en Trouw kopten reeds in de trend van: ‘Paracetamol helpt tegen onrust’.

De filosofie: onrust is een uiting van pijn bij mensen die zich niet goed verbaal kunnen uiten en kampen met cognitieve stoornissen. Effectieve behandeling van niet-gediagnosticeerde pijn kan de oorzaak van deze onrust wegnemen. Het bewijs: de uitkomsten van een cluster randomised controlled trial.

Welnu, de conclusie in de koppen van Trouw en Nursing zijn wat voortijdig, de uitkomsten hoopgevend en teleurstellend tegelijk en de methode van onderzoek interessant.

Lees verder

Advertenties
Getagged , , , , , ,

Verpleegkundige wiskunde met de PCA pomp. Of: hoe Bram’s PCA-calculator het licht zag.

Tegenwoordig reken ik vrijwel dagelijks op mijn stageplek. Doorgaans gaat het om vrij simpele kwesties van optellen en aftrekken bij het bereiden van injecties en dergelijke. Niettemin komen er soms wat meer uitdagende opgaven voorbij.

Lees verder

Getagged , , , ,

Happy birthday Bram! Heb je nog een cadeautje voor ons?

Ongeveer 27 jaar geleden werd ik op de wereld gezet. Ik had al vrij snel een punthoofd van de toestanden in de wereld (zuignappie), dus dat moest, achteraf gezien, uiteindelijk wel resulteren in het spuwen van gal en inzicht (*kuch*) op een weblog. Dat dat veelal over de ouderenzorg zou gaan is een kwestie van prettige chaos geweest. Leuk is het in ieder geval.

Om deze heugelijke dag met mijn bescheiden lezersschare (dank!) te fêteren, heb ik twee oude artikelen opgepoetst. (voorzien van wat extra beeldmateriaal, spel- en typefoutjes verwijderd etc.)  Mocht je ze dus nog niet hebben gelezen, of benieuwd zijn naar het nieuwe jasje, they’re all yours:

De invloed van omgevingslicht op dementerende mensen
Het wachten is op de tsunami van dementie; over een niet al te lange tijd zal Nederland een enorme groei van het aantal dementerende mensen doormaken. Het wordt alle hens aan dek. Joost van Hoof, een jonge Nederlandse ingenieur die zich heeft toegelegd op het onderzoek naar het gebruik van domotica bij dementerenden,  deed onderzoek naar de invloed van het omgevingslicht op dementerenden. Verdomd interessant! Lees hier verder…

Meeste mensen gehoorzamen (nog steeds) opdracht tot martelen
In de jaren zestig van de vorige eeuw voerde Stanley Milgram een onderzoek uit dat hem (en z’n onderzoek) wereldberoemd en berucht maakte. Het kostte hem z’n carrière. In 2008 werd het onderzoek ontdaan van ethische problemen en opnieuw herhaald door Jerry Burger. Milgram had gelijk. Shocking. Of logisch? In het blogbericht een uiteenzetting van wat Milgram en Burger allemaal hebben uitgespookt tijdens hun experimenteerdrang. Lees hier verder…

Reacties van harte welkom en een fijne dag!

(p.s. mocht het grapje in het aller-bovenste plaatje je zijn ontgaan, kijk dan even hier)

Getagged , , , , , ,

Mevrouw heeft een plekje op haar stuit… Update 2009

[noot: dit is een ‘heruitgave’ van een in juni 2008 verschenen blogbericht. Het origineel is hier te vinden. De nieuwe versie is op een aantal punten aangepast. Zo hebben sinds het originele blogbericht alweer twee nieuwe LPZ metingen plaatsgevonden en verscheen er in december 2008 een systematische review over de behandeling van decubitus in JAMA.]

Decubitus: wie heeft er niet van gehoord of ermee te maken gehad tijdens de opleiding, stage of het werk? Duizenden hebben het gezien, gevoeld en/of geroken. In de 17e eeuw duikt de term decubitus op, afgeleid van het Latijnse woord decumbere dat ‘zich neerleggen’ betekent. Om precies te zijn wordt er in 1777 door Wohlleben gesproken van gangraena per decubitum, ‘afsterven door te gaan liggen’. De link met bedlegerigheid lijkt dus al heel lang duidelijk te zijn, al weten we nu natuurlijk dat decubitus meerdere oorzaken kan hebben. (bijv. decubitus van de urethra t.g.v. een verblijfskatheter, of ‘doorzit’-plekken t.g.v. rolstoelgebruik). Voor meer actuele opvattingen en kennis: lees verder onder de streep.

Lees verder

Getagged , , , , ,

Parels & ezelsbrug based practice

Evidence Based Practice (EBP), kort door de bocht het bewust toepassen van wetenschappelijk bewijs in patiëntzorg, is een algemeen geaccepteerd principe. Zo ook in de verpleegkunde, al is daar volgens een publicatie door Pagani et al. (2009) nog wel het een en ander in te verbeteren. Zo schrijven zij in Creative Nursing:

Despite the increasing importance of evidence-based practice for the nursing profession, some nurses remain unable to use scientific evidence in their clinical practice to support their critical thinking and nursing skills. PERL (Print, Electronic, Resource Persons, and Location) is an acronym that nurses can use to categorize available resources to practice evidence-based nursing, thereby enhancing patient outcomes.

Om verpleegkundigen een handvat te bieden ontwierpen ze dus een ezelsburg: de ´PERL-ezelsbrug´. PERL staat voor Print, Electronic, Resource persons en Location; vier aspecten van EBP die van belang zijn voor verpleegkundigen aan het bed. Dat laat zich, met enige verbeelding, in het Nederlands vertalen als Papier, Elektronisch, Relaties en Lokatie.

Leuk is dat het feitelijke ezelsbruggetje zich óók prima laat vertalen naar het Nederlands: PERL klinkt als ‘pearl’, dat parel betekent. (Parel -> EBP, vat je ‘m?) En laten PApier, Relatie, Elektronisch bewijs en Locatie nu prima in het acroniem PAREL te passen zijn. Dus… Anyway: lees verder onder de streep!

Lees verder

Getagged , , , , , ,

Hutspotpost: stamppotje van helaasheid en saai

Omdat wetenschappers het soms ook niet meer weten in deze hutspotpost een verzameling interessante, nuttige dan wel nutteloze bijdragen in de wetenschappelijke literatuur. Want soms is wetenschap te saai, te slecht of te marginaal om het wat zinnig te laten zeggen.

Ohw ja; bij iedere referentie staat een blauw icoontje: door er op te klikken ga je rechtstreeks naar het desbetreffende item in mijn Citeulike bibliotheek. Weet je niet wat Citeulike is? Klik dan hier.

Bon apetit!

Lees verder

Getagged , , , , , , , , ,

Werkconferentie ‘Meerwaarde van de HBO-Verpleegkundige Gerontologie-Geriatrie’

prof. dr. Jan Hamers aan het woord

Noot: Dit is een bijdrage van collegastudenten Monique Hondebrink en Suzanne Franssen over de VGG werkconferentie van 6 oktober 2009, waarvoor hartelijke dank! Hier volgt het verslag:

“De meerwaarde van HBO-verpleegkundigen in beeld.” Dit was het onderwerp van de werkconferentie ouderenzorg, gehouden op maandag 6 oktober j.l. Deze werkconferentie vormde de afsluiting van een project dat in 2007 werd gestart ter promotie van de nieuwe uitstroomvariant. Daarin werden HBO-V-studenten aangemoedigd om te kiezen voor het vgg-profiel en zorgorganisaties werden overtuigd van de noodzaak niet alleen een geschikte leeromgeving voor stagiaires te creëren, maar ook functies voor vgg’ers te ontwerpen.

Aangezien wij beiden stage lopen in de ouderenzorg, leek het ons erg interessant dit bij te wonen. Dus reisden we af, helemaal naar ’s Hertogenbosch, allebei met een ander verwachtingspatroon. Saxion was één van de deelnemende opleidingen.

Suzanne: “Zoals vele studenten kwam ik in mijn eerste leerjaar ook binnen met een ‘zwaailichtje’ op mijn hoofd, ook ik wilde graag of op de SEH komen te werken of nog liever op de ambulance, na mijn eerste basisstage wist ik dat ouderen ‘mijn ding’ zijn, toen ik daarna merkte dat de verpleegkundigen en verzorgenden die mijn oma hebben verzorgd in de periode dat zij bedlegerig in een verpleeghuis lag ben ik mijn gaan richten op de ouderenzorg. Ik wist zeker dat ik dat ook wilde en ook zou kunnen. Nu, in mijn 5e jaar mocht ik eindelijk in een verpleegtehuis stage lopen en ik heb het er geweldig naar mijn zin. Omdat ik het naar mijn begeleiders toe moeilijk vind om aan te geven wat ik mag en hoe is dit het beste aan kan pakken als HBO-v’er wilde ik naar dit congres om hier voor mezelf maar uiteindelijk ook voor mijn stage duidelijkheid te creëren.
Verder wilde ik graag meer inzicht over het HBO-VGG profiel omdat ik het idee heb om eventueel, indien mogelijk, nog in deze richting te laten scholen.”

Monique: “Dit is mijn eerste differentiatiestage in de ouderenzorg en ik heb er zeker niet voor gekozen. De ouderenzorg had op mij, en met nog veel meer andere studenten, een stoffig imago. Niet alleen de doelgroep, maar ook het werkveld. Ook carrièrekansen zie ik hier niet liggen.
Met weinig frisse moed begon ik aan deze stage. Maar het is de kunst om je uitdagingen op te zoeken en je kansen te creëren. En zo zat ik op dag twee met de opleidingsfunctionaris om de tafel. Na ruim een maand is mijn beeld al behoorlijk bijgetrokken. Juist als HBOV-er liggen er zoveel kansen te wachten.
Met dit werkcongres wilde ik graag wat meer over de HBO-VGG te weten komen. Dus een HBO-verpleegkundige echt gespecialiseerd in de Gerontologie Geriatrie.”

Programma

Beiden hadden we nog niet eerder een werkconferentie binnen de zorg bijgewoond en georganiseerd als deze. Er waren verscheidene mensen uitgenodigd die een belangrijke functie bekleden binnen de zorg. Allereerst was er een welkom door Prof. Jan Harmers, hoogleraar verpleging en verzorging ouderen aan de Universiteit Maastricht. Hij gaf een presentatie met als titel ‘De meerwaarde van de HBO-verpleegkundige in beeld.’ Hierin kwamen de ontwikkelingen en mogelijke oplossingen in de ouderenzorg ter sprake. Met behulp van de nieuwe innovaties en technologie zou je al een deel van de problemen wegnemen. Ook zou je de zorg slimmer aan moeten pakken, onder andere door de inzet van een hbo-vgg. Ook gaf hij zijn visie over het opleiden van studenten. Er zijn te weinig docentexperts en goede stageplaatsen. Hier zien ze het nut nog niet in van een hoger opgeleide, of ze verwachten dat je alles al kunt, terwijl je er juist komt om er te leren. Hij sneed ook het onderwerp aan dat er veel te weinig hbo-v’er in de ouderenzorg werkzaam zijn. Er zijn nu 77 afgestudeerde hbo-vgg’ers, dat zouden er 2400 moeten zijn. Wat erg tegenwerkt is het imago bij studenten en binnen hbo-v teams. Er zouden meer gastlessen op school moeten worden gegeven om te bevestigen dat de ouderenzorg juist erg complex kan zijn en een breed terrein bestrijkt.

In navolging van prof. Jan Harmers spraken nog de heren Ton Bakker, psychogeriater en bestuurder Argos Zorggroep en voorzitter begeleidingscommissie van HBO-verpleegkundigen voor de ouderenzorg, en Martin Gloudemans, werkzaam bij bureau G&D Waalwijk. Zij spraken over het nut en de noodzaak van de hbo-v’er.

Na deze presentaties vond er een forumdiscussie plaats waarbij twee dames van het ministerie van VWS vertegenwoordigd, Clazina Pool-Tromp (bij ons bekend van het studieboek ‘Met het oog op de toekomst’) Wim van der Vrie, hoofdverpleegkundige Afdeling Geriatrie UMCN St. Radboud, verplegingswetenschapper en voorzitter Afdeling Geriatrie Verpleegkunde V&VN, Roger Ruiters, lid van het bestuur van Actiz en Frans Boshart, product manager Vivium Zorggroep en Wineke Weeder, bestuurder Verenso (beroepsvereniging specialisten ouderengeneeskunde). Zij reageerden op een aantal stellingen.

Na deze forumdiscussie waren we zelf aan de beurt. Er was een inspiratieplein, waarbij negen thematafels waren waar je aan deel kon nemen. Voor de eerste ronden kozen wij ‘Kwartier maken: Hbo-stages creëren en pas afgestudeerden een plek in de zorgorganisatie geven’. Onder leiding van Hanneke te Winkel en Erik Dierink bespraken we wat wij als studenten missen op de huidige stageplekken, hier werden enkele vooroordelen tegen studenten en organisaties uitgesproken. Ook werd hier besloten dat studenten beter moeten leren ‘netwerken en lobbyen.’ Deze discussie werd met een zeer verschillend publiek bijgewoont, zo waren er studenten, mensen van verschillende organisaties die stonden te springen om HBO-V studenten en verschillende werkgevers en -nemers. Ook spraken we onze ervaringen uit hoe wij over de ouderenzorg dachten.

Na een uur namen wij deel aan de Workshop ‘Het VGG-profiel’. Onder leiding van Jeroen Boonstra, Wendelien Moorlag (beiden van Saxion) en Saskia Lavooij (Hogeschool Rotterdam) discussieerden over het volgende discussiepunt: ‘Wat heeft een HBO-VGG nodig binnen de bachelor HBO-V om als afgestudeerd VGG’er uit de verf te komen.’
Enkele vragen hierbij waren of de deelnemers vonden dat naast de MGZ, AGZ en GGZ en een aparte keuze gemaakt moest worden voor de differentiatie VGG of dat in al deze verschillende differentiatie routes een deel als VGG ingevuld zou moeten worden. De deelnemers waren er unaniem over uit dat dit laatste veel beter zou zijn voor de opleiding. Ouderen beslaan immers het grootste deel van de zorg.

Postscriptum door uw aller weblogger:

Voor meer informatie, foto’s en andere media kan je de website behorende bij de conferentie bekijken op: http://www.hboverpleegkundige.jbace-online.nl/
Het gehele HBO competentieprofiel Verpleegkundige Gerontologie Geriatrie (VGG profiel) is te vinden op: http://vggprofiel.wordpress.com

Getagged , , , , , , , , ,

Vaccineren… Daar gaan we weer.

influenzavirusAfgelopen week heb ik, op de valreep, een aanvraag voor vaccinatie tegen de seizoensinfluenza ingeleverd op mijn stage-instelling. Die is nl. first in line. Daarna komen de twee prikjes tegen de Nieuwe Influenza A/H1N1. Dat het flink rumoerig is rondom die vaccinaties behoeft verder geen onderbouwing lijkt me. Alle media stonden er de afgelopen tijd bol van en met name de nieuwe telg in de humane influenza familie was daarbij onderwerp van discussie. De vele bomen in het land van epidemiologie, toxicologie, virologie en ethiek doen het zicht op het bos waarin de zorgverlener z’n weg moet vinden bijkans de das om. Mijns inziens is er echt ook veel moois te vinden. 

Om af te trappen het weblog Effect Measure: Mandatory swine flu vaccination for health care workers: I change my mind. De auteurs van dit weblog (epidemiologen) geven een visie op de zin en onzin van verplicht vaccineren van zorgverleners. Alhoewel de auteurs van mening zijn dat je niet laten vaccineren onethisch en onprofessioneel is, slaan ze enkele flinke deuken in het verplicht stellen ervan. Persoonlijk ben ik niet tegen een verplichting, maar zie er zeker pragmatische problemen in. Met name de aversie tegen overheid en vaccinatie die zou kunnen ontstaan lijkt me problematisch.  Op die manier zou het kind met het badwater weggegooid worden, doordat rationele argumenten op de achtergrond komen te staan.

Dat rationele argumenten en aversie overigens absoluut niet hand in hand gaan blijkt uit de reacties op een artikel op nursing.nl. ‘Niet vaccineren tegen H1N1 onprofessioneel’, zo wordt er gekopt. Hans Hoeken van het UMC Radboud is aan het woord en legt de vinger uitstekend op een zere plaats: confirmation bias. Beslissingen worden niet gebaseerd op gevonden argumenten, maar argumenten worden gevonden op basis van reeds genomen beslissingen, aldus Hoeken. Goed voorbeeld daarbij is de HPV vaccinatie campagne, waar scare tactics  door anti-vaccinatieguru’s tot in de finesse zijn uitgebuit. De argumenten van de NVKP zijn om te janken, maar op één of andere manier heeft het gedachtengoed postgevat. M.a.w. als je al argwanend tegenover vaccineren staat is de kans groot dat argumenten die het tegendeel aangeven het ene oor in en het andere weer uit gaan. Acupunctuur blijft voor mensen die er in geloven werken, hoeveel onderzoek ook duidelijk heeft aangetoond dat het niet meer dan een placebo is.

Een skeptische grondhouding aannemen lijkt me daarom het beste. Deze veronderstelt immers dat ook de eigen standpunten aan kritische reflectie moeten worden onderworpen. Waarom ben ik voor? Een belangrijk argument wordt gevormd door de wetenschap: vaccinatie is voor mij als gezonde volwassene een effectief en veilig middel om influenza te voorkomen, de beschikbare wetenschappelijke gegevens wijzen door absoluut op. Alhoewel ik in de genoemde valkuilen der bias terecht kan komen: ik heb redelijk wat gelezen over influenza en ben tot die conclusie gekomen. Vaccinatie is evenwel geen panacee! Naast het vaccineren blijft het belangrijk om bijv. handen te wassen en goed te screenen op besmettingen, maar dat deed men als het goed is toch al… 

Geroeptoeter over de vaccinatie en influenza is echter niet van de lucht. De commentsectie van het artikel op nursing.nl bevestigt de stelling van Hoeken nl. fantastisch. Ieder bekend – en dood – paard wordt van stal gehaald: levensgevaarlijk die vaccinatie, het is een complot, verpleegkundigen die roken zijn ook fout en ga zo maar even door. Een cursus logica zou niet misstaan. HBO opgeleide mensen zouden zelf wel in staat zijn om onderzoek te doen naar het hoe en waarom. Dat is immers een HBO-competentie! We zijn autonoom en professioneel genoeg. Jannes Koetsier, arts (in ruste?) en vaandeldrager van patiëntrechten heeft toch aardig aangetoond niet competent te zijn. Een arts. Misschien geldt de competentie niet voor universitair geschoolden, maar zomaar aannemen dat iedereen met een HBO kwalificatie dergelijke zaken zelf kan onderzoeken lijkt me een wassen neus. Helemaal als het gaat om een zaak waarin niets simpel is, zelfs de simpele dingen niet. Zoals influenza. Hang handgeldispensers op in een gevangenis en de gedetineerden doen zich te goed aan de alcohol erin. Met alle gevolgen van dien.

Ondertussen woekert de epidemie rustig voort en komt het influenza seizoen eraan. De Nieuwe Influenza H1N1 is een nasty bugger, maar van meer mortaliteit en morbiditeit dan bij seizoensinfluenza lijkt nog geen sprake. Maar ook dat zegt nog weinig. Mutaties in eiwitten die de replicatie van influenzavirussen (PB2) beïnvloeden zijn bekend. In Nederland dus, zo lezen we op het Cryptocheilus Weblog. Waar een klein land groot in kan zijn! Vooralsnog is de mutatie niet bijzonder gevaarlijk, maar de link naar een meer donker scenario is zeker aanwezig.

Ik tel m’n zegeningen pas volgend jaar, zo rond mei. In 1918 deed zich nl. een soortgelijk patroon voor, met een milde griep in de zomermaanden. Mocht het achteraf allemaal meevallen: ik hoop het van ganser harte. Maar op het moment is er sprake van veel koffiedikkijkerij. Intussen neem ik gewoon drie prikjes: snel, safe en simpel. De kans dat ik de influenza zal krijgen wordt daardoor sterk verkleind, de kans dat ik er door gevloerd wordt nog kleiner en de kans dat ik gevloerd wordt door het vaccin is astronomisch klein. Nu dus nog een vaccin dat koppijn t.g.v. niet-steekhoudende argumenten van zogenaamd competente mensen voorkomt. Vindt u dat grof? Laat uw reactie gerust horen. Maar om het te stellen hoef ik mezelf niet eens competent te noemen: het niveau van veel argumenten tégen vaccinatie is gewoon bedroevend.

Voor of tegen: doe het op goede grond. Lang leve de skepsis.

Getagged , , , , , , , , , ,

Oeps, vergeten: gisteren was het Wereld Alzheimerdag

alzheimerGisteren was het Wereld Alzheimerdag, zo lezen we via Nursing.nl. Het centrale thema lag bij het tijdig stellen van de juiste diagnose, hetgeen in veel gevallen te laat gebeurt. Een pijnlijke gebeurtenis voor veel mensen (dementie is behoorlijk stigmatiserend), maar ook kan het twijfel en onduidelijkheid wegnemen. Ik raad wat dat betreft de DVD ‘Leven met dementie’ aan, dat een veelzijdig beeld schetst van ‘de dementerende mens’ en diens omgeving.   

Terug naar Alzheimerdag: opmerkelijk vind ik de bevinding van een onderzoek door Maurice de Hond: tweederde van de Nederlanders lijkt te denken dat geheugentraining het dementieel proces vertraagt. Ook denkt men dat het grootste deel van de Nederlandse dementerenden in een verpleeghuis woont. Pseudowetenschappelijke uitlatingen. Niets nieuws onder de zon natuurlijk, maar wel vervelend. We kwamen reeds appelsap tegen in de strijd tegen Alzheimer en glazen water als algemeen panacee.

Hoe komen mensen erbij? De ‘braintrainmythe’  wordt wellicht gevoed door een soepel lopende PR machine van bedrijven als Nintendo en wat algemene ‘volkswijsheid’. Maar volgens mij ligt het ook aan een gebrek aan skepsisme. Mensen slikken teveel onzin zonder na te gaan waarop gepresenteerde feiten berusten. Althans zo lijkt het, als we de Hond mogen geloven. Niettemin heeft het appelsapbericht de nodige hits opgeleverd via zoekmachines de afgelopen tijd. Het is dan de vraag of mensen bezig zijn met het een ongezonde portie  ‘confirmation bias’, of met een skeptische bril kaf van koren te scheiden. Ik hoop het laatste en zal m’n best doen het skepsisme verder te promoten. Want het is mij een schrikbeeld: dementerenden die zich geen raad weten met de hoeveelheid appelsap, water en een Nintendo DS. Allemaal voor niets. Verspilde moeite.

Getagged , ,

Dementiecongres; presentatie van inzichten en oplossingen bruikbaar voor professionals

Dit is een bijdrage van Maaike Scholten, student HBO-V met een groot hart voor de ouderenzorg. Ze woonde in juni het congres Dementie bij en e-mailde het verslag dat ze er over schreef. Hartelijk dank Maaike!

Bron: http://www.flickr.com/photos/star-dust/775368469/sizes/m/

Dementiecongres; presentatie van inzichten en oplossingen bruikbaar voor professionals

Dinsdag 2 Juni vond het dementiecongres plaats in de Reehorst te Ede. Een congres bedoeld voor alle verpleegkundigen en overige geïnteresseerden werkzaam in de zorgsector. Samen met Jeroen Boonstra en Wendolien Moorlag heb ik (Maaike Scholten) deelgenomen aan het congres. Via Saxion kregen studenten hbo-v de mogelijkheid met korting deel te nemen aan het congres. Voor mij als vierdejaars student, geïnteresseerd in de ouderenzorg, een uniek aanbod, waar ik dan ook graag gebruik van wilde maken.

Na een lange treinreis waren we bij aankomst wel toe aan een kop koffie. Na deze kop koffie al genietend in de zon te hebben opgedronken was het 09.30 tijd voor de dagopening.
Het congres werd geopend door dagvoorzitter Marcellino Bogers (auteur van het boek Humor als verpleegkundige interventie). Allereerst dag menig bezoeker op het verkeerde congres te zijn beland. Dit omdat dagvoorzitter ons welkom heette op ‘het Wondcongres’. Na wat geroezemoes wilde een aantal bezoekers de zaal al gaan verlaten, maar al snel bleek het om een grap te gaan van dagvoorzitter Marcellino Bogers. Na een korte, maar duidelijke opening was het tijd voor de ‘echte’ informatie, het plenaire ochtendgedeelte.

Het eerste thema van het congres was vrijheidsbeperking, psychofarmaca en probleemgedrag bij ouderen met dementie. Deze presentatie werd verzorgd door Sytze Zuidema, verpleeghuisarts en onderzoeker. In deze presentatie werden voornamelijk cijfers en resultaten naar voren gebracht uit onderzoeken naar thema’s als vrijheidsbeperking en psychofarmaca gebruik. De naar voren gekomen resultaten vond ik toch wel schrikbarend. Één op de drie beroepsbeoefenaren in verpleeg- en verzorgingshuizen worden wekelijks geconfronteerd met agressiviteit/ probleemgedrag van patiënten. Probleemgedrag zorgt in de praktijk vaak voor vervroegde opname en vervolgens voor stress/ ziekteverzuim bij verzorgend/ verplegend personeel. In de praktijk wordt weinig gekeken naar de oorzaak van probleemgedrag. Dit is dan ook direct de belangrijkste aanleiding waarom psychofarmaca in verpleeg- en verzorgingshuizen veelvuldig gebruikt worden. Zo blijkt uit onderzoek dat tweederde van de dementerende patiënten medicatie gebruikt voor gedragsproblemen, hoewel er vaak op ander manieren ook een goed resultaat bereikt kan worden. Uit experiment waarin 100 mensen behandeld werden met psychotica en 100 mensen werden behandeld met een placebo er in de eerste groep maar 20 mensen meer waren die verbetering vertoonden. Bij de groep met placebo bleek dan ook dat het geven van aandacht vaak al helpt.

Ook zitten er binnen verpleegafdelingen forse verschillen in het gebruik van psychofarmaca onder patiënten (variërend van 7% tot 69% van de patiënten op een afdeling). De grootste oorzaak van deze verschillen heeft te maken met de visie van een afdeling. Er zijn verschillende mogelijkheden die probleemgedrag eventueel kunnen oplossen. Voorbeelden hiervan zijn snoezelen, muziektherapie en realiteits oriëntatietraining. Meer informatie over het behandelen van probleemgedrag is te vinden op www.zorgvoorbeter.nl en www.innovatiekring.nl

Het tweede thema van de ochtend was ‘De heldere eenvoud van dementie’. Deze presentatie werd gegeven Huub Buijssen, auteur van 38 boeken over dementie en directeur van trainingsbureau Buijssen Training en Educatie. Huub Buijssen vertelde over de drie theorieën (in 1987 geïntroduceerd). Met deze theorieën doelt hij op de gestoorde inprenting en het oprollende geheugen, de afweermechanismen en het ‘kinds’ worden van het brein. Van elk van deze drie theorieën werden voorbeelden genoemd. Buijsen gaf een prachtig voorbeeld van hoe een dementerende kan reageren door de gestoorde inprenting. Wat we tot slot meekregen als basisregel van dhr. Buijssen; ‘Achter elke boosheid van een dementerende (of misschien zelfs elke cliënt) zit een verlangen’. Ik denk dat het belangrijk is om deze basisregel als verpleegkundige altijd in je achterhoofd te houden, zodat je hier in de praktijk mee aan de slag gaat. Meer informatie over Huub Buijssen en zijn trainingen is te vinden op www.traumaopvang.com.

hersenen

De derde presentatie werd gegeven door Anneke van der Plaats en de titel was: ‘De werking van de hersenen bij dementerenden’ . Dr. Anneke van der Plaats is sociaal geriater, onderzoeker, docent en medeauteur van het boek ‘De wondere wereld van dementie’. De presentatie van Anneke van der Plaats is mij het meest bijgebleven van deze leerzame dag. Ik vind dat zij een geweldige uitleg gaf over het ziektebeeld dementie. Zij beschreef de hersenen van een mens in ware vier lagen. Deze vier lagen werden opgedeeld in twee delen, namelijk laag één en twee als de waarneming en emoties en laag drie en vier als het denkbrein. Vanuit het denkbrein worden de waarnemingen en emoties aangestuurd. Bij dementie is het denkbrein aangetast en zonder het denkbrein krijgt een mens als het ware een ‘pats-boem’ reactie. Het meest bijzondere aan de uitleg van Anneke van der Plaats vond ik de eenvoud, het was voor iedereen goed te begrijpen en daarom ook erg interessant.

Na de koffiepauze was het tijd voor een presentatie over pijn bij dementie. Deze presentatie werd gegeven door Erik Scherder, hoogleraar Klinische Neuropsychologie aan de Vrij Universiteit te Amsterdam. Het pijnsysteem in de hersenen is op te delen in twee delen, namelijk het mediale pijnsysteem (dit heeft invloed op de manier waarop iemand lijdt onder de pijn) en het laterale pijnsysteem (hoe de pijn aanvoelt en de kwaliteit). Uit de presentatie kwam naar voren dat het belangrijk is dat mensen met dementie blijven bewegen, zodat het gebied in de hersenen actief blijft (door het krijgen van continue prikkels) zodat het pijnsysteem minder snel afbreekt. Wat voor mij ook nieuw was is dat er verschil zit in de waarneming van pijn bij de verschillende vormen van dementie.

Om 12.20 uur was het tijd voor de laatste presentatie van het ochtendprogramma: ‘De dementie als ideale prooi’. Deze presentatie werd gegeven door Philip Kooke, journalist en commentator bij NOS Studiosport. Daarnaast ook auteur van het boek ‘Ik laat je nooit in de steek. Hoe mijn vader Alzheimer kreeg en veranderde van patiënt in prooi’. Kooke vertelde zijn ervaringen met betrekking tot zijn vader die Alzheimer kreeg. Zijn vader werd vrij jong getroffen door de ziekte van Alzheimer, maar had gelukkig veel vrienden en familie om zich heen. Toch ging het mis, het karakter en zijn gedrag veranderden ingrijpend. Hij was veel angstig, maar kreeg ‘gelukkig’ steun van zijn ex-vriendin. Hij had steeds meer hulp nodig en werd uiteindelijk volledig afhankelijk van zijn vriendin. Zijn ‘vriendin’ krijgt hem uiteindelijk volledig geisolleerd van familie en beste vrienden, waardoor hij in een prooi veranderd. Door een in geheim voltrokken huwelijk is zijn vader naast zijn familie en vrienden ook beroofd van zijn kapitaal. Ik vond dit verhaal erg schokkend, onvoorstelbaar dat dit kan gebeuren. Uit dit voorbeeld blijkt dat hulpverleners een belangrijke functie hebben in het eventueel opsporen van ‘demente prooien’. Meer informatie over misbruik van dementerenden is te vinden op www.alzheimermisbruik.nl

Na deze laatste presentatie was het even tijd voor ontspanning, een cabaretvoorstelling van Marc Scheepmaker van de Comedy train.Ondanks dat het weinig te maken had met het thema van de dag ‘Dementie’, was het een goede en lachwekkende voorstelling, waar de meeste bezoekers erg om gelachen hebben.

Het middagprogramma bestond uit twee workshopsrondes waarbij je de keuze had uit zes workshops. De onderwerpen van de workshops waren:

  • De wondere wereld van dementie
  • Cognitieve stoornissen en het rijbewijs
  • Dementie-vriendelijk design
  • Dementie en pijn
  • De heldere eenvoud van dementie
  • Het voorkomen van probleemgedrag

Na enige twijfel heb ik gekozen voor de workshops ‘De wondere wereld van dementie’ en ‘Dementie en pijn’.

De eerste workshop ‘De wondere wereld van dementie’ werd gegeven door Bob Verbraeck (uitgever van het boek ‘De wondere wereld van dementie’ en trainer ouderenpsychiatrie). In deze workshop werd naast de werking van de hersenen vooral ingegaan op de oorzaak van gedrag van de dementerende. De omgeving veroorzaakt voor een groot deel het gedrag van de dementerende. Daarnaast zorgt stress ook voor verergering van het demente gedrag. Voor de ‘normale’ mens is het moeilijk te begrijpen wat er in het hoofd van een dementerende omgaat, Verbraeck gaf hier een mooi voorbeeld van; Iedereen heeft wel eens een moment dat je even niet meer weet wat je nou wou gaan doen, een dementerende heeft dit continue wat zorgt voor veel frustratie. Tijdens deze workshop werden veel tips gegeven over de manier van communiceren met de dementerende, wat erg bruikbaar is voor de praktijk. Er zijn drie soorten communicatie, verbale communicatie, non-verbale communicatie en paraverbale communicatie (de manier waarop iets wordt gezegd, toon, klank, enz). De verbale communicatie gaat bij mensen met dementie als eerst verloren, daarom is het erg belangrijk je vooral te richten op de non-verbale en paraverbale communicatie. Bij een dementerende is het belangrijk gebruik te maken van bijvoorbeeld plaatjes om je verbale communicatie te ondersteunen. Op het eind van de workshop werd nog een video laten zien waarop een hulpverlener een dementerende patiënt hielp bij het naar bed gaan, in deze video kwam duidelijk naar voren hoe je een dementerende zorgvrager niet moet communiceren. Het leek soms wat overdreven, maar in de praktijk kom je zulke situaties ook absoluut tegen.

De tweede en laatste workshop die ik heb gevolgd ging over Dementie en pijn. Deze workshop werd net als de presentatie van de ochtend gegeven door Erik Scherder. De workshop begon met een korte herhaling en een verdere toelichting van wat er de ochtend was verteld. Ik vond deze laatste workshop wat tegenvallen, het bracht voor mij niet veel meer nieuwe informatie dan wat ik deze ochtend had gehoord. Wat voor mij wel nieuw was dat een dementerende over het algemeen een hogere pijngrens heeft, waardoor pijn vaak in een later stadium pas wordt herkend. en dementerenden in een vergevorderd stadium met ernstige pijn hebben vaak een verhoogde bloeddruk en transpireren erg, waardoor pijn voor hulpverleners te herkennen is. Tot slot kregen we nog een aantal informatiebronnen voor richtlijnen mee waarmee pijn bij dementerenden makkelijk is op te sporen. Deze richtlijnen zijn te vinden op www.dementieinbeweging.nl en op http://prc.coh.org/pain-noa.htm zijn pijnschalen goed te gebruiken bij dementerende cliënten te vinden.

Terugkijkend op deze dag kan ik concluderen dat het nuttig is om als beroepsbeoefenaar een congres bij te wonen. Door het bijwonen van een congres kun je bestaande kennis opfrissen en weer nieuwe inzichten toevoegen aan je bestaande kennis. Ook is het bijwonen van een congres een mooie gelegenheid om kennis te maken met andere beroepsbeoefenaren en je zo te profileren. Ik ben van mening dat het voor beroepsbeoefenaren in opleiding goed is om een congres te bezoeken, niet alleen om meer kennis op te doen, maar ook om te netwerken. Op een congres lopen veel verschillende disciplines rond waaraan je veel kan hebben. Tijdens de presentaties en workshops ontvang je nieuwe informatiebronnen waar je ook bruikbare informatie vanaf kan halen.

Ik zelf kan de opgedane informatie goed gebruiken tijdens mijn stage. Ik ben namelijk bezig met het ontwikkelen van een zorgprogramma dementie en kan de opgedane informatie goed gebruiken voor het ontwikkelen van het zorgprogramma. Tot slot wil ik medestudenten op de hoogste stellen van de informatiebronnen opgedaan bij het congres, zodat ook zij hier gebruik van kunnen maken.

Tot slot wil ik iedereen nog wijzen op de naderende werkconferentie op 6 oktober a.s., met als thema de meerwaarde van de HBO-Verpleegkundigen in beeld: ervaringen met de eerste verpleegkundigen gerontologie geriatrie..

Getagged ,

Proefschrift: depression in dementia. Development and testing of a nursing guideline

Renate Verkaik promoveerde 20 april jl. op haar proefschrift ‘Depression in dementia. Development and testing of a nursing guideline’, waarin zij een behoorlijke berg onderzoek naar depressie bij demente personen presenteert, waaronder enkele systematische reviews. Doe er uw voordeel mee PG’end Nederland, want volgens mij heeft Verkaik enkele zeer essentiele dingen onderzocht – van snoezelen tot symptomen van depressie – waarbij het verpleegkundig onderdeel niet vergeten is! Om het gehele proefschrift te lezen: hier eventje klikken. Abstracts onder de streep!

Lees verder

Getagged , , , ,

Zelfverwaarlozing en mishandeling zorgen voor (sterk) verhoogde mortaliteit onder ouderen.

geweldresearch
Via MedlinePlus las ik het bericht dat onderzoek naar zelfverwaarlozing en mishandelingeen een sterk verhoogde kans op overlijden aan het licht heeft gebracht. Helaas moet ik me hierbij wenden tot een abstract en enkele persberichten, aangezien ik geen toegang heb tot full-text publicaties van JAMA. (mocht iemand zo vriendelijk willen zijn…)

Lees verder

Getagged , , , ,

Verplicht vaccineren tegen ‘Nieuwe Influenza H1N1’ en het ‘Syndroom van Röver-Visser’

influenzavirusDe ‘hamlaprochel’ blijft de wereld in toenemende mate bezig houden. De teller op de website van de WHO staat op een dikke 130.000, met meer dan 800 doden, al zijn deze cijfers een onderschatting; landen hoeven immers geen specifieke gevallen meer te melden. In België is de eerste dode te betreuren: een jonge vrouw overleed aan de gevolgen van een dubbele longontsteking die ze opliep nadat ze in het ziekenhuis was opgenomen vanwege een H1N1 infectie. Nederland heeft 364 bevestigde infecties, met – gode zij dank – nog geen sterfgevallen.

V&VN roept om verplichte vaccinatie van zorgverlenend personeel. Ab Osterhaus is het daarmee wel mee eens: ‘niet gevaccineerde verpleegkundigen horen niet aan het bed‘, aldus een welluidende quote op pagina 2 van de Metro van 29 juli. De verpleegkundigen in het algemeen lijken het er wat minder mee eens te zijn. Volgens een poll op nursing.nl laat 25% de injecties liever aan zich voorbij gaan, een iets kleiner percentage twijfelt nog en ongeveer de helft laat zich volgens de voornemens vaccineren. Nu lijkt het me dat, in tegenstelling tot wat veel media daarvan denken, de poll op nursing.nl niet erg representatief is. Leuk voor de heb, maar we hebben er verder weinig aan. Waarom kranten dan dergelijke cijfers gaan quoten is me ook onduidelijk (net zoals Cryptocheilus zich daarover verwondert).

Helaas is het me ondertussen ook nog steeds niet duidelijk waar ik me kan aanmelden als ‘proefkonijn’ voor het nieuwe vaccin. Ik wil dat prikje nl. het liefst zo snel mogelijk. Ja natuurlijk, de crancks van de NVKP, Desiree Röver en vele anderen waarschuwen ons voor de wereldwijde massamoord die is opgezet onder de noemer ‘H1N1 vaccinatie’, maar die ken ik ongeveer de geloofwaardigheid toe van de verhalen van Grimm, Perrault en La Fontaine op de boekenplank naast me. Volslagen onzin dus. En ook nog eens hoogst irritant. Wie denkt dat volk dat ze zijn?

In ieder geval is het een interessante ethische kwestie aan het worden; hoe zorgen we voor een succesvolle vaccinatiecampagne onder verpleegkundigen? Is verplichte vaccinatie de te bewandelen weg? En; wat zijn dan de consequenties die tegenover weigering komen te staan? Niet mogen werken? Ik ben bang dat we het kind dan met het badwater weggooien; vaccinatie is m.i. een belangrijke factor in waarborgen van de continuïteit van zorg. Stel dat de 25% van de nursing.nl poll inderdaad thuis kan gaan zitten, dan is er sprake van een enorm gat in de bezetting. En wie gaat dat betalen of belangrijker: aanvullen? De blikken gevaccineerde zelfstandige- en uitzendverpleegkundigen zijn een keer leeg. Niettemin vind ik dat de vaccinatie verplicht mag worden gesteld; laat het maar eens afgelopen zijn met de onzin!

Persoonlijk zie ik niet in waarom je je niet zou laten vaccineren. Forcetria, het middel dat is ontwikkeld tegen een H5N1 influenzavirusstam, is goedgekeurd door de EMEA en is aangepast aan het huidige pandemische virus. Tuurlijk; omdat het nog getest moet worden kan men eenvoudigweg niet zeggen dat er geen risico’s zullen zijn. Maar de verwachting daaromtrent is duidelijk; angst voor bijwerkingen is ongegrond als enige reden tegen vaccinatie. Dat is hooguit een teken van ‘ik heb de klok horen luiden, maar weet de klepel niet te vinden’. Bij deze doop ik dit om tot het ‘Syndroom van Röver-Visser‘. Symptomen: grootheidswaan, paranoia en het doen van pseudowetenschappelijke en van de realiteit losgerukte uitingen. (als daar nu eens een vaccin tegen was…)

In mijn utopie meldt het Nederlandse zorgverlenend personeel zich en masse aan voor de onderzoeksrondes; hoe eerder hoe beter. De werkelijkheid zal zich ergens tussen het Syndroom van Röver-Visser en mijn utopie bevinden .

Weinig gerelateerd aan de kwestie, maar ik heb ondertussen weer een goede reden om vegetarisme te promoten. Het is niet aan tofu te danken dat we met dergelijke pandemiëen komen te zitten. Bedankt, vleeseters der aarde.

Getagged , ,

Evidence based keukenprinsessen. Een broodje aap alstublieft, met therapeutische saus.

keukenprinses copy

“Verplegen houdt zich bezig met de gevolgen van een psychisch of somatisch probleem en richt zich niet op het wegnemen van de oorzaken daarvan. De verpleegkundige komt sterker in beeld naarmate de medische wetenschap meer faalt. In hun werk worden verpleegkundigen met levensvragen, existentiële vragen geconfronteerd.”

Bovenstaande is een citaat uit het artikel ‘Verplegen als existentiële ervaring en de verlokkingen van de evidence-based keukenprinses’. (de Vocht & Burger, 2009) Het artikel is een verkorte weergave van de afscheidsrede van Gerard Burger, docent gedragswetenschappen aan Saxion Hogescholen. Ik heb slechts twee keer les van hem gehad en dat is eigenlijk wel jammer, want ik vond hem een intrigerende verschijning: een levende boekenkast op sandalen met een zacht karakter.

Lees verder

Getagged , , ,

Koffie geneest Alzheimer. Ohw please sh*t up…

Koffie geneest Alzheimer… YEAH we zijn er! Nooit meer vergeten waar die sleutels lagen, nooit meer opgenomen in een verpleeghuis!

In de wereld van de journalistiek denk ik te weten wat het meest gespeelde spelletje is:  dat spelletje waarmee scholieren doorgaans wordt aangeleerd hoe ruis in de communicatie kan ontstaan. Eerder kwamen we water al tegen als panacee. Hear say: hoe 55 genetische aangepaste muizen er ineens voor zorgen dat koffie alzheimer geneest, in drie eenvoudige, idiotproof stappen:

Lees verder

Getagged ,

In een groen, groen, groen, groen, knolleee knollenland

Daar zaten twee haasjes heel parmant.

Sinds een tijdje werk ik in de ‘flexpool’ van een instelling voor verstandelijk gehandicaptenzorg. ‘Assisstent begeleider’, zoals het in m’n contract heet. VOGje d’r bij (kom d’r maar in) en we kunnen.

Afgelopen week mocht ik een paar uur meewerken in een groep met jonge kinderen; helpen met eten, lang geleden. Vakkundig worden twee ‘slabbers’ en een buik vol afgeleverd. Oogcontact zoekend door op het rollende krukje om de rolstoel heen en weer te bewegen.

Een uur later sta ik met m’n beste tenor ‘in een groen groen groen groen knolle knollenland’ te zingen, een van de weinige liedjes die me op dat moment bekend genoeg voor de geest staat. Vind ‘ie leuk tijdens het douchen. U vraagt wij draaien. Eerst vraag ik me af of de tegelwanden om ons heen mijn versie van het chanson niet al te veel de gang op kaatsen, maar ach, wie ben ik om dat plezier te vergallen? Stiekem vind ik het ook best wel leuk.

Op de weg terug naar huis vraag ik me af hoe ik de vraag ‘wat heb je vandaag gedaan?‘ die ik bij thuiskomst te horen krijg van m’n vriendin ga beantwoorden. Er zitten een paar leuke invalshoeken bij. Niettemin is er een belangrijker probleem: mijn repertoire met vrolijk klinkende liedjes is flink aan uitbreiding toe. Mocht u goede bronnen hebben: ik hoor het graag.

En de één die blies de fluite-fluite-fluit
En de ander sloeg de tróóómmel

(Overigens heb ik meer sympathie voor het afsluitende couplet van Bassie & Adriaan, dan voor het origineel:

Toen kwam opeens een jager, jagersman
En die heeft toen mis geschoten
En dat heeft toen naar men denken, denken kan,
Dit lied leuk afgesloten, dit lied leuk afgesloten)

Getagged

Gatenkaas, kernonderzeeërs en medische missers: waarom gaan er mensen dood aan rekenfouten?

afbeelding van wiki

Medische missers; jaarlijks kosten ze in Nederland aan vele mensen het leven of brengen ze anderszins schade toe. En die missers liggen overal op de loer. Een dialyseverpleegkundige, om een voorbeeld te noemen, dient uit te rekenen hoeveel vocht er moet worden onttrokken tijdens het dialyseren. Dit gebeurt aan de hand van het streefgewicht, het huidige gewicht en het ingenomen volume aan vocht. De laatste twee worden bij elkaar opgeteld en van het streefgewicht afgetrokken en hopla: daar verschijnt de hoeveelheid vocht die onttrokken moet worden. Voor de zekerheid dient een collega de berekening te controleren.

Drie uur later gaat de patiënt snoeihard ‘onderuit’. Beide verpleegkundigen hebben een simpele rekensom verkeerd gemaakt, er is teveel vocht onttrokken en de bloeddruk keldert. Gelukkig kan er snel worden ingegrepen en blijft de schade voor de patiënt zeer beperkt. (onthoud trouwens even of je dacht: ‘jemig wat dom!’) Ik moet de sensatiezoekende lezer nu iets teleurstellen: de titel is niet helemaal waar, er is niemand overleden. Maar je moet er niet aan denken wat een dergelijke fout had kunnen aanrichten als het zou gaan om de hoeveelheid medicatie voor een ‘prematuurtje’… De situatie uit het voorbeeld is één van de ontelbaar veel denkbare situaties in de gezondheidszorg waarin een potentieel (zeer ) gevaarlijk voorval uiteindelijk goed afloopt.  Dat er ook veel situaties (erg) fout aflopen is echter wel een feit, getuige bijvoorbeeld een brand in een operatiekamer met dodelijke afloop (die herinneren we ons waarschijnlijk nog wel…), ouderen die zichzelf ophangen in een zweedse band, of een onderzoek naar ‘adverse events’ bij operaties, waarover onlangs in in NTvG werd gepubliceerd (Wagner et al. 2009):

“De omvang van de adverse events tussen de snijdende specialismen verschilde. Het merendeel ontstond binnen de algemene chirurgie. Achteraf beschouwd was 36,5% van de onbedoelde schade meer dan waarschijnlijk en 4,3% vrijwel zeker vermijdbaar. Van deze potentieel vermijdbare schade kon 73% gerelateerd worden aan een inadequate of te late ingreep/behandeling. Bij de groep patiënten die in het ziekenhuis was overleden kon de onbedoelde schade daarentegen relatief vaker gerelateerd worden aan inadequate diagnostiek, namelijk 29 versus 11%”

Om hoeveel fouten het in totaal gaat, wordt niet duidelijk uit de samenvatting van de resultaten, maar voor de strekking van deze blogpost is dat ook niet zo heel relevant. Fouten worden nu eenmaal gemaakt, omdat dat nu eenmaal ‘menselijk’ is. Toch? Of levert die visie een incompleet beeld op? Daar lijkt het nodige voor te zeggen. Een artikel door James Reason (2000) over menselijke fouten ontvouwt een andere mogelijkheid; fouten maken is óók ‘systemisch’. In het artikel worden twee modellen gepresenteerd waarmee we menselijke fouten kunnen interpreteren: de persoonsbenadering en de systeembenadering

De persoonsbenadering
Deze – intuïtief aanwezige – benadering van gemaakte fouten legt de hoofdzaak bij personen zelf, zoals verpleegkundigen, artsen en apothekers. Fouten worden geweten aan vergeetachtigheid, morele zwakheid of nalatigheid. Vanuit deze positie bekeken kan men fouten proberen te voorkomen door het ophangen van posters, waarin fouten worden veroordeeld. De persoonsbenadering legt de weg open naar wat psychologen de hypothese van de ‘gerechtige wereld’ noemen: fouten worden gemaakt door slechte mensen. De benadering wordt natuurlijk ondersteunt door de aanwezigheid van tuchtrecht en een sterk beroep op de moraal van zorgverleners d.m.v. een beroepscode of afleggen van een eed. We zijn persoonlijk aansprakelijk mochten we een overdosis insuline injecteren. Maar is daarmee alles gezegd? Een drang naar het vinden van een zondebok kan bevredigd worden door de persoonsbenadering, maar de aandacht voor het slachtoffer lijkt ondergeschikt, iets dat ik vaker denk te bespeuren in (maatschappelijke) reacties op allerlei leed. De dader dient gestraft! (en: is een zorgverlener niet ook slachtoffer?) Volgens de systeembenadering is die visie echter véél te beperkt en sluit het de weg naar betere (patiënt)veiligheid. Dacht je dus alleen ‘wat dom!’ in de hierboven beschreven casus van de dialysepatiënt, lees dan even verder. (ook als je dat niet dacht trouwens)

De systeembenadering
Binnen de systeembenadering wordt de persoonsbenadering als het ware binnenstebuiten gekeerd en ligt de nadruk veel minder op de morele afwijzing van fouten als persoonlijk falen. Bekeken vanuit de systeembenadering valt de persoonsbenadering te verwijten dat laatstgenoemde geen oog heeft voor de omgeving waarin een fout wordt gemaakt. In omgevingen waarin een bijzonder kleine foutmarge hanteerbaar is (zoals de luchtvaart) is in een groot deel van de gemaakte fouten de persoon in kwestie niets persoonlijk te verwijten. Het systeem faalde. De systeembenadering brengt ook de mogelijkheid om te kijken naar patronen waarin fouten voorkomen. Fouten zijn, aldus Reason, niet willekeurig verdeeld, maar vormen vaak een terugkerend patroon. En die fouten moeten door het systeem gebruikt worden, om toekomstige fouten te voorkomen:

“Without a detailed analysis of mishaps, incidents, near misses, and ‘free lessons’, we have no way of uncovering recurrent error traps or of knowing where the ‘edge’ is until we fall over it. The complete absence of such a reporting culture within the Soviet Union contributed crucially to the Chernobyl disaster”

Er is dus duidelijk behoefte aan een systematische benadering van fouten, waarin aandacht aanwezig is voor de omstandigheden waarin mensen werken en fouten (kunnen) maken. Om die benadering te visualiseren: het gatenkaasmodel.

Het gatenkaasmodel
Ernstige fouten zijn meer dan eens het gevolg van een opeenvolging van verschillende factoren. Stel je de weg van een potentieel fatale fout voor als een rechte lijn die zich door een aantal lagen gatenkaas moet ‘werken’ alvorens er echte schade aangericht kan worden. Wanneer de rechte lijn van de fout zich voor een gat in de plak kaas bevindt, kan deze er doorheen, op weg naar de volgende plak en een volgend gat. Stel je vervolgens ook voor dat deze gaten niet statisch zijn, maar zich constant openen en sluiten op verschillende plekken.

uit: Reason, J. (2000). Human error: models and management. BMJ, 320(7237):768-770

uit: Reason, J. (2000). Human error: models and management. BMJ, 320(7237):768-770

In het geval van de dialysepatiënt levert dat het volgende (sterk versimpelde) geval op. De potentiële fout weet zich door de eerste plak heen te werken door een zich openend gat van een rekenfout. Binnen het systeem is bedacht dat controle door een tweede verpleegkundige (de tweede plak kaas) een door de eerste verpleegkundige gemaakte rekenfout wordt ontdekt. Helaas opent zich hier ook plotseling een gat; ook de tweede verpleegkundige maakt een fout. Stel nu dat beide verpleegkundigen een bijzonder goede staat van dienst hebben. Ze hebben reeds duizend berekeningen uitgevoerd met allebei één fout (die gelukkig door een tweede verpleegkundige werd ontdekt). We gaan er even van uit dat alle verpleegkundigen daarin gelijk zijn. De kans op een fout van twee verpleegkundigen tegelijkertijd is zeer klein (in de orde van P(dubbele fout)=0,000001), maar wél aanwezig. Een toevallige samenloop van omstandigheden kan deze kans echter werkelijkheid doen worden; de gaten in de plakken kaas openden zich op het foute moment op de foute plek. Hoe zeer we ook boos kunnen worden op de verpleegkundigen in kwestie; dit zal voor de ‘gaten’ in het systeem weinig uitmaken, aangezien de kans op fouten willekeurig is verdeeld over de verpleegkundigen. In plaats van te hameren op de zeer kleine marge waarin fouten wordt gemaakt door de verpleegkundigen (goed, ik weet dat dat op het gebied van rekenen een beetje wishfull thinking is, maar ik hoop dat het punt duidelijk is), kan men ook kijken naar het systeem, de wijze waarop de plakken kaas achter elkaar zijn gerangschikt zogezegd.

Volgens Reason is het een kenmerk van organisaties waarin een hoge mate van betrouwbaarheid noodzakelijk is (zoals kernonderzeeërs) dat juist deze systeembenadering een belangrijke rol speelt; men gaat er van uit dat mensen fouten maken en een belangrijk doel is het weerbaar maken van het systeem tegen dergelijke fouten.  In een dergelijk systeem zijn fouten van het grootste belang om veiligheid te vergroten. Als dat niet paradoxaal is, weet ik het niet meer.  Fouten wijzen nl. in heel veel gevallen op ‘residente pathologie’ van ‘latente condities’ in het systeem; ze zijn gevolg van een een gevaarlijk dominospel, dat kan ontstaan in een feilbaar systeem (i.c. alle systemen).  De latente condities kunnen jarenlang onzichtbaar blijven en zich ineens manifesteren, met alle gevolgen van dien. Deze condities louter en alleen afschuiven op laatste persoon in het dominorijtje lijkt oneerlijk.

Het belang van de systeembenadering openbaart zich daar waar een al te grote focus op persoonlijke fouten de blik op het grote geheel teniet doet. (waarbij de vraag zich aandient of een sterke behoefte binnen de gezondheidszorg aan ‘veilig incidenten melden’ een goed teken is…) Onderzoek aan de Universiteiten van Michigan en Berkeley naar succesvolle en zeer veilige organisaties heeft aangetoond dat deze openheid echter een bijzonder belangrijk onderdeel is van organisaties met een hoge ‘betrouwbaarheidsgraad’: naast dat men probeert om persoonlijke fouten te voorkomen door individuele training (bijv: leren rekenen), dient iedere fout ook feedback op te leveren voor het systeem waarin de fout werd gemaakt. Zo vraag ik me af of bij het berekenen van de hoeveelheid te onttrekken vocht de tweede verpleegkundige de berekening van de eerste kon zien, waardoor ze (onbewust) beïnvloedt werd. Dat zou systematisch aangepakt kunnen worden door de twee verpleegkundigen ‘blind’ te laten rekenen, d.w.z. zonder dat ze het rekenwerk van de ander zien. Denk je nog steeds dat de verpleegkundigen in kwestie ‘dom’ zijn?

Misschien valt er wat voor te zeggen dat er, naast een competentielijst een lijst met veel gemaakte fouten wordt bijgehouden door aanstormend zorgverlenend talent (studenten dus). ‘Proeves van onbekwaamheid’ zogezegd.

Reason, J. (2000). Human error: models and management. BMJ, 320(7237):768-770. [DOI]
Wagner, C., Zegers, M. & de Bruijne, M.C. (2009). Onbedoelde en potentieel vermijdbare schade bij snijdende specialismen. Ned Tijdschr Geneeskd. 2009;153:B62 [URL]

Getagged , , ,

Heb ik genoeg? Met de KRO naar een PG afdeling

afbeelding: Oberazzi

Gisteravond kwam er op TV een interessante aflevering van ‘Heb ik genoeg?‘ voorbij. In dit programma krijgt de presentratice en lijdend voorwerp Karin de Groot iedere week een opdracht die het een en ander van haar vraagt. In de aflevering van gisteren wordt ze ‘verpleegster’, op een afdeling voor dementerende zorgvrager: heeft zij genoeg? Hier is de aflevering online te bekijken.

De aflevering begint na een korte intro met het begin van de dag: ochtend ADL! En hier zag ons aller Karin toch wat tegenop. Bij demente mensen dacht ze eigenlijk altijd aan ‘wassen’ en ‘overal poep’. Eerlijk en recht voor z’n raap. Natuurlijk heeft het werk ook wel een onaangename kant: Halverwege de aflevering wordt de drang naar frisse lucht zo groot dat ze zich even afzondert om bij een open raam te gaan uitwaaien. Ze is zichtbaar onder de indruk. En met de gebitten had ze niet eens rekening gehouden: ogen dicht en gaan voor het vaderland. Waarom de handschoenen overal afwezig zijn in de filmpjes vind ik wat vreemd. Contact met excreta lijkt me een indicatie voor het dragen van handschoenen. En met handschoenen aan wordt het allemaal een stuk draaglijker, al geef ik toe al enige tijd geen volle waskar meer te hebben geleegd…

De verzorgenden van de verpleegafdeling komen warm over; ‘hoe zou je zelf verzorgd willen worden’ is een vraag die ze binnen het team regelmatig herhalen, aldus een van de verzorgenden. Dat dat geen makkelijke vraag is op zo’n afdeling wordt duidelijk in een shot waarin Karin de Groot ontdaan is over de toestand van een van de bewoners nadat ze heeft geholpen met het douchen van de bewoner: ‘deze vrouw kan helemaal niks meer’.

Hoe kunnen we bepalen hoe we verzorgd willen worden als we in zo’n toestand zijn beland? Waar ga je in mee, waar leg je de grens? geeft een verzorgende aan. Spot on. De asymmetrie in de verhouding tussen bewoner en verzorgende is enorm. Het is dezelfde verzorgende die even verderop aangeeft dat ze vindt dat ze ‘mag’ zorgen. Mogen zorgen kan verschillende ladingen hebben, maar ik moest sterk denken aan de afhankelijkheid van de bewoners: hoeveel van dat ‘mogen zorgen’ is maatschappelijk bepaald: aan wie laten we de zorg voor (zeer) kwetsbare ouderen over? Wie mogen dat van ons? Ik denk dat het een grote verdienste is van de aflevering dat deze vraag zich opdringt, over een beroepsgroep met een relatief laag aanzien. Anne Mei The trekt zelfs parallellen tussen de werkzaamheden van gastarbeiders ‘toen en nu’. De werkjes die we zelf niet willen doen lieten we over aan medewerkers van allochtone komaf, om The ietwat kort samen te vatten. De ‘kleine wereldjes’ waarin deze zorg plaatsvindt op vele plekken in Nederland onttrekken het makkelijk aan het oog.

Tegelijkertijd is het ook een beroep waarin ook de zorgverlener kwetsbaar is. In al haar cognitieve overmacht heeft Karin het moeilijk tijdens het bieden van hulp bij het eten. ‘Dat vond ik heel naar. Ik dacht: ‘doe ik het niet goed?’ en even later:  ‘Ik geloof echt niet dat ik dit werk zou kunnen doen’. Ook het helpen met eten heb ik zelf al enige tijd niet veel gedaan, maar ik vond het altijd een moeilijke, maar leuke klus, zeker bij mensen in de latere fase van het dementieel proces. Ik heb altijd de indruk gehad dat hierbij meer nog dan bij de ADL tijdsgebrek funest is. Rammelende etenskarren, eten uit een keuken ver weg (geen tijd om het water in de mond te krijgen omdat het zo lekker ruikt op de afdeling), geen tijd voor een kauw- en slikproces dat soms veel trager gaat verlopen (slecht zittende kunstgebitten!). Zo bijna nietszeggend als het proces van eten, verteren en uitscheiden zich voltrekt bij goede gezondheid, zo veelbepalend kan het zijn bij een syndroom als dementie. Vijfenveertig minuten ben je meer dan eens kwijt… Van ‘mond tot kont’ is er oneerbiedig gezegd hulp nodig, de mens nadert op dat vlak de natuur waar we met riolen, zeep en tandpasta zover vandaan hebben weten te hollen.

Maar op sociaal vlak is het met een gewassen gezicht en een net pak nog steeds geen rozengeur en maneschijn. Joop is een man die behoorlijk in z’n eigen wereldje is teruggekeerd, om met de woorden van z’n vrouw te spreken. Al 3 jaar bezoekt ze haar man op de afdeling en sinds het laatste jaar is verbale communicatie flink veel moeilijker geworden. Een gesprek is niet te voeren, van het gebrabbel valt weinig te maken. Het accent van de vrouw doet me vermoeden dat ze van redelijke komaf is, of in ieder geval niet in minste milieu’s heeft verkeerd; hoe groot zal het contrast zijn geweest toen ze die ‘vreselijke beslissing’ moest nemen? De aflevering wordt besloten met een feestje waarin volop gedanst wordt.

Een mooie docu: zeker de moeite van het kijken waard. Weer een puntje d’r bij voor de KRO.

Getagged , , , ,

Meten van pijn bij ernstig demente zorgvragers

Het weblog ‘Ervaringen met een verpleeghuis’ waarop Mieka, zoals ze zich bekend maakt, verhaalt over de belevenissen van haar en haar moeder in het verpleeghuis. Haar moeder brak in 2002 haar heup en op het moment is haar moeder ‘ver weg’. Haar blogbericht ‘Van bezoeken naar waken’, deed me denken aan een onderzoeksverslag dat ik een tijdje geleden las: ‘Pain in elderly people with severe dementia: A systematic review of behavioural pain assessment tools’ uit 2006. (het is een open access publicatie, die gratis is te downloaden, zie literatuuropgave onderaan deze post) Pijn, zo beginnen de onderzoekers hun publicatie, komt veel voor onder ouderen in verpleeghuizen (40-80% van de verpleeghuisbewoners heeft volgens ander onderzoek last van pijn). Ook blijkt dat het meten van pijn bij dementerenden grote problemen kent, te weinig gebeurt en dementerenden dientengevolge onderbehandeld blijven. (Achterberg, 2008) 

Lees verder

Getagged , , , , , ,
Advertenties