Over pijn, anatomische anomalieën en een wortelkanaalbehandeling

Ik beschouw mezelf als een redelijk gezonde jongeman, met enkele mankementen. Tot die mankementen kan een wat zwakkere linker knie worden gerekend (meniscus voor een deel verwijderd), maar met name mijn gebit is van jongs af aan een problemenkindje. Ik heb dan ook een vrij gegronde hekel aan het bezoeken van een tandarts. Een goed jaar geleden ging mijn net nieuwe tandarts falliet, zo kwam ik via internet(!) te weten. Zoek dan maar eens nieuwe, want tandartsen die nog cliënten aannemen zijn niet dik bezaaid in mijn woonplaats. Gelukkig vond ik tandartsenpraktijk de Bont, die op hun website vermelden studenten van Saxion aan te nemen. En laat ik tot die categorie behoren! Via internet was de eerste afspraak snel gemaakt en zodoende lag ik na wat onderzoeken en voorlichting vorige week donderdag en afgelopen maandag in de stoel voor een wortelkanaalbehandeling. En ja, beide dagen voor dezelfde kies. (1-5 voor de geïnteresseerden). Een verslagje:

Met klotsende oksels op naar de praktijk, want het gemiddelde verhaal over een wortelkanaalbehandeling is niet positief. Pijn staat dan met stip op nr.1 als negatief aspect. Nu is pijnbestrijding me niet geheel vreemd en uit voorzorg was ik alvast begonnen met het slikken van paracetamol.

“Hallo, neemt u maar plaats”. In een moderne behandelkamer staat een groene tandartsenstoel. Mijzelf neervlijend verzeker ik mezelf van de kwaliteit van de zorg in Nederland en lever me over aan een vrijwel onbekende. “Eerst even verdoven, dan voelt u niets van de zenuwbehandeling”, verzekert de tandarts mij. Jaja, ik ken dat, zorgverleners die praten over pijn en het gemak waarmee behandelingen worden doorstaan. (mea culpa). Zolang mogelijk probeer ik tijd te rekken om de verdoving in te laten werken.

Dan begint het boren. Godezijdank is het kenmerkende boorgeluid van vroeger tegenwoordig vervangen door een veel serener gezoem en ik merk na een paar minuten dat ik kan ontspannen omdat ik ondanks het gemor geen pijn voel. Maar na een kwartier begin ik door te krijgen dat er iets niet helemaal in de haak is. “Nog even een foto nemen.” Huh? Dat hebben jullie toch al gedaan?, denk ik. Met de digitale techniek van tegenwoordig verschijnt het fotootje binnen enkele seconden op het beeldscherm in de behandelkamer. “Heel bijzonder”, vertelt de tandarts. “Je hebt waarschijnlijk vier wortelkanalen in die kies”. Normaal zijn dat er één of twee, zo laat ik me vertellen. Heb ik weer, Bram de anatomische anomalie:

Foto 1

Röntgenopname vóór behandeling (het gaat om de tweede van rechts). Vergelijk met de meest rechtse tand, die een duidelijk enkel wortelkanaal bevat.

Drie kwartier na het begin van de operatie sta ik weer buiten, met een nieuwe afspraak om de behandeling af te maken. Natuurlijk nog flink verdoofd en praten schiet niet echt op. Maar geen centje pijn! Helemaal niets.

Bij de volgende afspraak is het ritueel praktisch hetzelfde, alleen is er nu anderhalf uur voor uitgetrokken. Turend door een microscoop worden de vier kanalen minutieus gezocht, schoongemaakt en opgevuld. Helaas lukt het maken van een foto van de behandeling van de kies niet. Bij de balie vraag ik na afloop (met lamme lip) of de gemaakte röntgenfoto’s kunnen worden opgestuurd via e-mail. Geen probleem. Super! En wederom: geen enkele pijn!

Foto 2

Röntgenopname ná behandeling. Twee kanalen (wit) duidelijk op de voorgrond aanwezig, de andere twee daar schielijk achter verscholen

Als ik weer op de fiets naar huis zit laat ik de gebeurtenissen nog eens de revue passeren. Want het is altijd erg interessant om als zorgverlener zélf onderwerp van zorgverlening te zijn.

Het gedoe in je mond maakt het praten praktisch geheel onmogelijk, waardoor communicatie beperkt is. En je ziet er ook geen donder van. (via het spiegeltje op de bekende lamp probeer ik wat mee te spieken, maar dat is geen succes) Maar je merkt van alles op; een van achter het mondkapje zuchtende tandarts stemt niet gerust (maar je kunt niet vragen wat er is), bij een ‘aaaah, daar issie’ leeft de hoop weer helemaal op. Gaandeweg het gezwoeg van de tandarts merk ik dat ik graag zou horen wat ze precies aan het doen is (verbaliseren). Niet omdat ik de tandarts niet vertrouw, maar omdat het mijn gebit is en ik het daarnaast ook donders interessant vind welke technieken ze gebruiken. Het liefst zou ik een grote spiegel boven de stoel zien. Wetenschap in actie! Nu gaat het circus aan me voorbij, afgezien dan van het feit dat het circus zich in mijn mond afspeelt, met tentdoek en al. (zie filmpje 0:40) Maar hoe verhoudt zich dit tot mijn eigen zorgverlening? Weten mijn cliënten altijd precies wat ik aan het doen ben? Qua communicatie is het soms roeien met aanwezige riemen en meer dan eens zijn wondbehandeling of toediening van medicatie (zeer) belastend.

Vrij vervelend vond ik de wisseling van assistent, die halverwege de behandeling vervangen werd (ingepland bij het vullen van gaatjes in een ander gebit). Maar tegelijkertijd denk ik aan de keren dat dat gebeurt in de zorg die ik zelf lever; ‘even’ de wasbeurt – om wat voor reden dan ook – overnemen van een collega.

Maar het (voor mij) belangrijkste: goede pijnstilling RULES. Ik merkte dat ik in de aanloop naar de tweede behandeling nauwelijks zenuwachtig was, omdat de eerste zo pijnloos verliep. En dat, tezamen met een sterk op preventie gerichte voorlichting, wekt vertrouwen in je behandelaar – misschien wel het allerbelangrijkste. Had ik die maar eerder gehad. Kan je ook nog eens heel wat van leren. Of er een blogpost over schrijven met leuk illustratief materiaal dat een halfuur na thuiskomst netjes in de mailbox ploft. Bedankt!

Advertenties
Getagged , , ,

3 thoughts on “Over pijn, anatomische anomalieën en een wortelkanaalbehandeling

  1. Annemiek schreef:

    Vervelen dat je die behanding moest hebben, maar inderdaad geeft even patient zijn je wel een nieuw inzicht.

  2. Gard Simons schreef:

    Een kies heeft altijd vier kanalen, een voor-, hoek- of snij tand één of twee. Waarom je tandarts het bijzonder vindt dat er vier kanalen in je kies zitten, is een raadsel. Misschien was het eigenlijk helemaal geen tandarts, maar de schoonmaker. Je weet het niet.

  3. Bram Hengeveld schreef:

    Gard, ik geef toe dat ik het omwille van de eenvoud niet heb gehad over molaren en pre-molaren. Dat had het wellicht duidelijker gemaakt. Maar wat jij hier voorstelt, lijkt me niet correct. Pre-molaren (‘valse kiezen’) hebben doorgaans niet vier wortels en maakt het ook nog uit of je het over de boven- of onderkaak hebt wat betreft aantallen wortels in kiezen. Verder zijn voor- en snijtanden (dentes incisivi) eigenlijk hetzelfde en vormen hoektanden (dantes caninis) een aparte groep. [/mierenneukerij]

    Overigens is de verdeling van wortels en kanalen een kwestie van statistieken en iets gecompliceerder dan je voorstelt: voor premolaren zie (bijv)hierrr en hierrr. Voor molaren (bijv)hierr en hierrr

    Ohw ja, m’n tandarts is geen schoonmaker. Hoe kom je tot het posten van de reactie als ik mag vragen? In je CV kom ik geen tandheelkunde oid tegen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: