De Mexicaanse griep

influenzabpr

Vanuit een aantal hoeken werd me de vraag gesteld waarom ik nog niet over de Mexicaanse griep had geblogd (gezien mijn interesse in influenza). Het antwoord daarop is eenvoudig: ik weet er nog (te) weinig vanaf en de kans dat ik onzin zou verspreiden was me te groot. Ondertussen heb ik me een beetje in kunnen lezen op het hoe en waarom van dit influenza A H1N1 virus dat mogelijk een pandemische bedreiging vormt. De infomatie uit deze blogpost is een directe copy-paste uit een literatuurverslag dat ik momenteel aan het afronden ben. Het is wat meer algemene informatie over influenza, die denk ik wel belangrijk is om de huidige mediahype (waarover de laatste alinea gaat) in perspectief te plaatsen.

Oorzaak van influenza: het influenzavirus
‘Griep’, of beter gezegd influenza wordt veroorzaakt door infectie met het influenzavirus. Van het virus zijn drie genera (Influenza A, B en C) bekend, waarvan influenza A en B verantwoordelijk zijn voor de ziekte influenza die in Nederland en vele andere delen van de wereld jaarlijks honderdduizenden mensen aan hun bed kluistert. Influenza C veroorzaakt een onschuldig ziektebeeld, dat op verkoudheid lijkt. Influenza A is verantwoordelijk voor de drie grote pandemieën van de 20e eeuw. Naast de mens is het enige andere organisme dat (zover bekend) gevoelig is voor influenza B de zeehond. (Osterhaus, Rimmelzwaan, Martina, Bestebroer, & Fouchier, 2000) Het virus is in 1933 voor het eerst geïsoleerd door de Amerikaan Wilson Smith en zijn team.

Het influenzavirus behoort tot de familie van orthomyxoviridae, welke behoren tot de togaviridae, de groep ‘gecoate’ virussen met een enkele streng RNA (Tabel 1 Indeling van virussen) Aanduiding van influenza A soorten geschiedt via de HxNx notatie, waarbij de H en N staan voor resp. hemaglutinine (HA) en neuraminidase (NA). HA en NA zijn eiwitten die zich (deels) aan de buitenzijde van het virus bevinden en waaraan de verschillende subtypen van het influenza A virus te herkennen zijn. Van de HA en NA eiwitten zijn een aantal varianten bekend: 15 HA en 19 NA, die met elkaar gecombineerd maximaal 135 verschillende influenzasubtypen kunnen opleveren. ( De verschillende hemaglutinine en neuraminidase zijn genummerd waardoor een classificatie ontstaat. Bekende varianten zijn het H1N1 en H5N1 virus, die veel in de media zijn geweest en beter bekend zijn  als ‘de Mexicaanse griep’ en ‘de vogelgriep’. (aviaire influenza)

indeling van virussen

Antigene shift & antigene drift
Virussen zijn bijzonder goed in staat om zich aan te passen aan hun omgeving. Het veroorzaken van epidemieën en pandemieën berust er in deze op dat de genetische informatie in het virus aan selectieve en niet selectieve verandering onderhevig is: antigene shift en antigene drift.

Bij antigene shift in het influenzavirus is er sprake van een vrij plotselinge verandering in de genetische code (die overigens in acht afzonderlijke segmenten is verdeeld) van het virus, door vervanging van bestaande HA en/of NA door nieuwe versies. Bij het ontstaan van een virulent virus kan dit bijzonder dodelijke gevolgen hebben, zoals de epidemie van de Spaanse griep (H1N1), die in één jaar tussen de 50 en 100 miljoen doden heeft veroorzaakt. Alleen influenza A heeft tot dusver antigene shift vertoond die resulteerde in een pandemie, een wereldwijde uitbraak van influenza. En belangrijk proces dat aan de basis van antigene shift ligt, is het recombineren van genetische informatie, waarbij genetische informatie wordt uitgewisseld tussen twee verschillende influenza subtypen. Dit is mogelijk omdat er in een jaar meerdere typen van het virus rondwaren. Een andere factor voor antigene shift wordt gevormd door de infectie van één organisme door twee virustypen die normaal twee verschillende soorten organismen besmetten, maar niet beide organismen tegelijk. (Carrat & Flahault, 2007). Bijvoorbeeld een besmetting van een varken door aviaire influenza en humane influenza. (zie figuur 1)Dit een de grote angst wat betreft influenza A. De kans dat op deze manier een bijzonder virulent subtype ontstaat dat besmettelijk is voor mensen onderling is aanwezig. Wanneer variatie in de HA en NA eiwitten optreedt ten gevolge van selectiedruk, spreekt men van genetische drift. Zowel influenza A als B vertonen genetische drift. De kleine mutaties van punten op HA en NA waaraan antilichaam zich kunnen binden zijn frequent, maar doorgaans neutraal. Een klein deel van deze mutaties belemmert echter de binding van antilichaam aan het virus, waardoor het niet meer voor het lichaam ‘herkenbaar’ is. Er zullen geen, of minder antilichamen aan kunnen binden. De verschillende genera en typen influenza vertonen op verschillende wijze antigene drift, influenza A/H1 en influenza B komen in verschillende subtypen naast elkaar voor, waar influenza A/H3 meer antigene drift vertoont en oude subtypen worden verdrongen door nieuwe subtypen. (Hay, Gregory, Douglas, & Lin, 2001) melden dat Influenza B tot drie maal minder geneigd is tot mutaties dan influenza A. Ook is er onderzoek dat duidt op een verschillende wijze van muteren van influenza A & B. (Guan-Zhu Han, Liu & Li, 2008).  Ook verschillende influenza B virussen kunnen samen ‘combineren’ tot een nieuw virus. (Matsuzaki, et al., 2004)Recent onderzoek heeft nieuwe aanwijzingen gegeven voor de ontwikkeling van een mogelijk pandemisch virus: het blijkt dat aviaire influenzavirussen niet goed gedijen in de temperatuur van de luchtwegen van de mens. Waar deze temperatuur bij vogels rond de 40°C ligt, is deze bij de mens ongeveer 37°C (Scull et al. 2009). Grootste risicogebieden voor het ontstaan van een pandemisch influenza virus zijn gebieden waar gevogelte en mensen in nauw contact verblijven.

AntigenicShift

Pandemieën
In de 20e eeuw heeft de mensheid drie grote influenza pandemieën gekend, nl. in 1918 (H1N1), 1957 (H2N2) en in 1968 (H3N2). Deze zijn vernoemd naar de (vermoedelijke) plaats van ontstaan, resp. de Spaanse, de Aziatische en de Hong Kong griep. Het gaat in alle gevallen om een bepaald subtype van influenza A, veroorzaakt door antigene shift. Er bleek sprake te zijn van grote verschillen in de hemagglutinine en neuraminidase eiwitten. (Kilbourne, 2006) Deze pandemieën hebben aan miljoenen mensen het leven gekost. Wetenschappers zijn voor de komende pandemie met name beducht voor influenza A/H5N1, waarvoor wereldwijd enorme projecten zijn opgericht om een uitbraak te kunnen pareren. Momenteel staat natuurlijk het H1N1 virus volop in het licht.

Aviaire influenza (vogelgriep)
Het grote gevaar dat in het influenzavirus schuilt is de mogelijkheid van co-infectie van één organisme met verschillende subtypen influenza A die samen een nieuw virus kunnen vormen. In het geval van influenza A H5N1 (de aviaire influenza) zou dat een virus kunnen opleveren dat makkelijk van mens op mens overdraagbaar is. Naast de reeds bestaande virulentie en de onbekendheid van het menselijk immuunsysteem met het Hemagglutinine 5 eiwit van het H5N1 virus zou dat een pandemie kunnen opleveren met desastreuze gevolgen. Op dit moment zijn besmettingen van mens op mens zeldzaam, maar er is wel sprake van een uitbraak van aviaire influenza onder gevogelte in Azië, Europa (CDC, 2009) en Afrika.  Tot op heden zijn er over de gehele wereld 423 gevallen van H5N1 besmetting bij mensen bekend, waarvan er 258 fataal waren. (WHO, 2009)

Mediahype
Momenteel denk ik wel dat er een mediahype gaande is (geweest) rond de Mexicaanse Griep. Hier vind je er een enigszins grappig filmpje dat een aantal ruige nummers over deze ‘hype’ geeft. Het komt er op neer dat er per dode een dikke 80.000 keer zoveel is gepubliceerd (grove schatting a.d.h.v. news.google.com) over de Mexicaanse griep dan over tuberculose. Ik denk echter niet dat dat aangeeft dat de Mexicaanse griep zelf ook een hype is. Ben Goldacre schrijft er in een column in de Guardian het volgende over (cursivering door mijzelf):

All people have done is raise the possibility of things really kicking off, and they are right to do so, but we don’t have brilliantly accurate information. Someone has said that up to 40% of the world could be infected. Is that scaremongering? Well it’s high, and I’m sure it’s a bit of a guess, but maybe up to 40% could be. Annoying, isn’t it, not to know.

Annoying, isn’t it, not to know. Het is een bericht dat hij schreef naar aanleiding van verschillende nieuwsbronnen (van de BBC tot Al-Jezeehra) die vroegen om het bevestigen van de ‘media-hype’. De media die zichzelf de duimschroeven aandraait… Ik denk dat de gepaste terughoudendheid die Goldacre uiteenzet een goed begin punt is. ‘A risk is a risk’ (een risico is een risico). Laten we ons niet meeslepen in een media-hype. Maar laten we ook niet denken dat de Mexicaanse griep passé is! Het aantal gevallen stijgt nog steeds. De teller staat op 40 landen, 9830 bevestigde influenzagevallen met 79 doden tot dusver. Omgerekend naar een influenzaseizoen in Nederland zou dat betekenen dat er zo’n 1000-1500  doden t.g.v. laboratorium bevestigde influenza zouden zijn. De doden betreffen echter in het geval van de Mexicaanse griep vooral jongere mensen, terwijl het ‘gangbare’ dodental t.g.v. van influenza met name wordt bepaald door oudere mensen. (90% is 65+). Afgelopen seizoen bijvoorbeeld, waren in de maand januari 1000 doden meer dan normaal onder ouderen te betreuren t.g.v. koude en influenza. Gelukkig lijkt de Mexicaanse griep redelijk goed behandelbaar te zijn met medicatie. De vraag is of dat bij een verdere mutatie van het virus ook het geval is.

Carrat, F. & Flahault, A. (2007). Influenza vaccine: the challenge of antigenic drift. Vaccine, 25(39-40):6852–6862.
CDC. (2009). Avian Influenza: Current H5N1 Situation. Gedownload op 14-5-2009 van: http://www.cdc.gov/flu/avian/outbreaks/current.htm
Guan-Zhu Han, G.-Z., Liu, X.-P., & Li, S.-S. (2008). Homologous recombination is very rare or absent in influenza b virus. Virology Journal, 5:65+.
Hay, A. J., Gregory, V., Douglas, A. R., & Lin, Y. P. (2001). The evolution of human influenza viruses. Philosophical Transactions of the royal society of London , 1861-1870.
Kilbourne, E. D. (2006). Influenza Pandemics of the 20th century. Emerging Infectious Diseases , 9-14.
Matsuzaki, Y., Sugawara, K., Takashita, E., Muraki, Y., Hongo, S., Katsushima, N., et al. (2004). Genetic diversity of influenza B virus: The frequent reassortment and cocirculation of the genetically distinct reassortant viruses in a community. Journal of Medical Virology , 132-140.
Osterhaus, A. D., Rimmelzwaan, G. F., Martina, B. E., Bestebroer, T. M., & Fouchier, R. A. (2000). Influenza B Virus in Seals . Science , 1051 – 1053.
Scull, M. A., Gillim-Ross, L., Santos, C., Roberts, K. L., Bordonali, E., Subbarao, K., Barclay, W. S., & Pickles, R. J. (2009). Avian influenza virus glycoproteins restrict virus replication and spread through human airway epithelium at temperatures of the proximal airways. PLoS Pathog,
Riede, U.-N., & Werner, M. (2004). Color Atlas of Pathology. Stuttgart, Duitsland: Georg Thieme Verlag.
WHO. (2009). Cumulative Number of Confirmed Human Cases of Avian Influenza A/(H5N1) Reported to WHO. Gedownload op 14-5-2009 van: http://www.who.int/csr/disease/avian_influenza/country/cases_table_2009_05_06/en/index.html

Getagged , , , , ,

5 thoughts on “De Mexicaanse griep

  1. Annemiek zegt:

    Dat is een goede uitleg.

  2. Annemiek zegt:

    Dat geloof ik graag. Je zult toch niet alles te hoeven lezen hoop ik, dan ben je over een jaar nog niet klaar! Er doorheen wieden wat je wilt gebruiken zal al moeilijk genoeg zijn.

  3. De grens was al gesteld door een aantal onderwerpen, die allemaal rondom het vaccineren van zorgverleners spelen. De samenkomst van psychologie, wetenschap en ethiek is echter prachtig (vind ik). Op het moment telt m’n verslag 120 referenties en het einde is in zicht, heb ik dan ook een goed half jaar over kunnen doen. (persoonlijke leerweg!)

    Achteraf gezien een bijkans achterlijke berg werk, zeker gezien de relatieve onbekendheid met het onderwerp. Maar wel echt heel veel van geleerd. Een aantal van de referenties had ergens niet ‘per se’ gehoeven (zoals die van Osterhaus over influenza in zeehonden), maar vind ik gewoon leuk ‘voor de heb’.
    Dergelijke overeenkomsten met bepaalde andere dieren vind ik sowieso erg leuk. Zoals het feit dat we ons onvermogen om vitamine C te maken in ons lichaam (en het dus moeten eten) delen met bijv. chimpansees, maar ook met cavia’s. Of ons vermogen om drie kleuren te onderscheiden (afgezien van de kleurenblinden onder ons); ook daar is een directe link met verwante diersoorten. Vogels bijvoorbeeld kunnen veelal vier kleuren onderscheiden, maar veel zoogdieren maar twee. Die eigenschap is in onze tigste voorouder verloren gegaan, maar toen weer teruggeëvolueerd. Influenza is evolutionair gezien volgens mij helemaal briljant interessant.

    But I disgress…

    Doordat ik in beginsel niet precies wist wat ik moest hebben en wat ik kon laten liggen was die fase érg veel werk, maar gaandeweg begin je patronen te herkennen en kun je op een gegeven moment kaf van koren scheiden. Een ander probleem is de toegang tot gevonden bronnen: die is enigszins beperkt vanuit Saxion, waardoor je een aantal zaken via een omweg te weten moet komen.

  4. Annemiek zegt:

    Gelukkig dat je er zo lang over kon doen! Moet je ook hier iets over voordragen aan de rest van de klas? Zou wel leuk zijn om de kennis te delen.
    Laatst las ik ergens hoe weinig ons DNA verschilt van dat van chimpansees, we zijn 99.4% hetzelfde. (en over vitamines eten: wist je dat konijnen hun eigen poep moeten eten om de vitamines binnen te krijgen die ze in hun darmen maken, leuk weetje he =)
    Dat van die kleuren wist ik niet, ook wel een leuk weetje.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: