Vaccinatie tegen influenza: wie, waarom en hoe.

afbeelding: ad-vantage

Degenen die mijn blog met enige regelmaat volgen (ik dank u) zullen wellicht hebben opgemerkt dat ik iets heb met de griepvaccinatie. Dat is dan ook zo. Het is een beetje een smeltpunt van verschillende interessegebieden binnen de verpleegkunde. Contact met de zorgvrager, wetenschap, ethiek, overbrengen van informatie, organisatie, logistiek; het komt allemaal aan bod als het gaat om de jaarlijkse griepvaccinatiecampagne. En hoewel de vaccinatie met name in de picture staat vlak voor en gedurende de epidemieën, gaat er achter de schermen veel meer om. Als student heb ik daar de afgelopen maanden iets van kunnen zien (en een beetje aan kunnen bijgedragen):  beleidslijn bepalen, samenstellen van commissies, welke informatie bieden we hoe aan, wat zijn haalbare targets, wat kost het, wat levert het op en ga zo maar door. Erg interessant en zeer leerzaam.

Tijdens de laatste bijeenkomst kreeg ik een aantal artikelen onder mijn neus die ik wel interessant vond. Het gaat om een artikel uit Medisch Contact, een indicatiestelling van de Gezondheidsraad en een artikel uit Tijdschrift voor  Bedrijfs en Verzekeringsgeneeskunde. Het gaat om een medisch-ethische beschouwing een beleidsplan en een praktijk voorbeeld van actief campagne voeren voor vaccinaties.

In ‘Cordon sanitair’ (Westendorp & Hak, 2009) wordt een vuist gebald voor de vaccinatie. Met het afgelopen influenzaseizoen in het achterhoofd wordt het belang van de cliënt scherper afgetekend binnen de groepen die in de kwestie meespelen. Zorgverlener zijn is niet vrijblijvend:

“- Een gezondheidszorgwerker die niet immuun is voor influenza kan geïnfecteerd raken en daardoor een besmettingsrisico vormen voor de patiënt.

– Ter bescherming van de patiënt is een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad tegen influenza gewenst bij gezondheidszorgwerkers die een risico voor de patiënt kunnen vormen. Om de veiligheid van de patiënt te garanderen, moet van elke gezondheidszorgwerker die risicohandelingen verricht de influenzavaccinatiestatus zijn vastgelegd en zo nodig worden vervolgd.

– Het niet ondergaan van influenzavaccinatie door een gezondheidszorgwerker die risico­handelingen uitvoert, is terug te voeren op ofwel verwijtbare nalatigheid, of op te eerbiedigen medische, religieuze of andere bezwaren, waarbij de medewerker zijn of haar visie stelt boven het risico de patiënt te besmetten.”

De auteurs stellen ook een ander interessant punt aan de orde; de hepatitis B vaccinatie, die wettelijk gemotiveerd wordt in de kwaliteitswet Zorginstellingen. Ook de wet BIG ondersteunt het gedachtengoed (niet schaden) Goed, influenza is voor gezonde volwassenen doorgaans een week flink ziek zijn en hepatitis B klínkt alleen al ‘ziek’. Overschakelen op consequent gebruik van ‘influenza A & B’ dan maar? Ik ben voor. In ieder geval lijkt de verhouding scheef; influenza vormt voor een flinke groep mensen een serieuze bedreiging van hun gezondheid of zelfs leven, maar de meest betrouwbare actie om het gevaar tegen te gaan door zorgverleners – de vaccinatie – is doorgaans niet echt een topper wat betreft populariteit. Westendorp en Hak geven een cijfer van 25% gevaccineerde zorgverleners, maar dat is wel een heel globaal cijfer natuurlijk. Het cijfer geeft wél aan dat er iets ‘niet goed gaat’, de aanbevelingen van de Gezondheidsraad ‘are blowing in the wind’. De auteurs pleiten dan ook voor een meer rigoreuze aanpak:

“Bestuurders van zorginstellingen zouden onomwonden duidelijk moeten maken dat goed werknemerschap inhoudt dat gezondheidszorgwerkers zich laten vaccineren tegen influenza. Gezondheidszorgwerkers zouden zich door de onderzoeksgegevens moeten laten overtuigen dat influenzavaccinatie geen noemenswaardige risico’s met zich meebrengt en dat het daardoor opgerichte cordon sanitaire effectief is.

Influenzavaccinatie zou niet vrijblijvend moeten zijn. Medewerkers die zich niet willen laten vaccineren, zouden daarvoor een schriftelijke verklaring moeten overhandigen waarin een gegronde reden, zoals een aangetoonde medische contra-indicatie of geloofsovertuiging, is vastgelegd. Het is denkbaar dat de mate van verplichting zou kunnen variëren, afhankelijk van de intensiteit van het patiënten­contact, maar gezien het beoogde effect van de indirecte bescherming lijkt dit niet wenselijk. Uiteindelijk zou een weigering moeten leiden tot een verandering van de werkzaamheden. Het cordon sanitaire moet zo volledig mogelijk zijn.”

Het zijn overigens geen erg nieuwe geluiden, maar wel geluiden die aandacht verdienen. Wél nieuw is het artikel van van der Geest-Blankert (2009) over een tweejarig project in het UMC St. Radboud om de vaccinatiegraad op te krikken. En daar zijn ze behoorlijk in geslaagd. In 2008 had 51% (1792) van de 3500 zorgverleners zich laten vaccineren, een verdubbeling t.o.v. 2006, toen men nog geen campagne voerde:

radboudinfluenza

Tabel: Aantal gevaccineerde zorgmedewerkers UMC (naar: van der Geest-Blankert, 2009)

Onderdelen van de campagne waren o.a. een mobiel vaccinatieteam, posters waarop verschillende disciplines door hun collega’s werden  aangespoord om zich te laten vaccineren, mogelijkheid tot voorlichting door de bedrijfsarts en artikelen in de periodieken binnen het UMC. Er was daarin duidelijke aandacht voor de mythen over de griepvaccinatie. Met name het mobiele vaccinatieteam werd als positief element gekenmerkt. Ook bij het Radboud koos men voor een duidelijke boodschap vanuit het bestuur en er werd een target gesteld van 50%; a job well done, al is er nog (veel?) verbetering te halen.

Zo ook op het gebied van gezinsleden van patiënten met een zeer hoog risico wellicht. De gezondheidsraad heeft de stelling genomen (overigens al in 2007) dat die groep geadviseerd zou moeten worden zich te laten vaccineren. Voor de VS zijn de posters al van de website van het CDC te downloaden met de boodschap dat men zich voor opa laat vaccineren. In ieder geval zou meneen redelijk veel gehoord argument tegen vaccinatie – wat voor nut heeft het als de familie het ook niet doet? – tegemoet komen door mantelzorgers van informatie te voorzien. Voor het cordon sanitair zogezegd.

Gezondheidsraad. (2007). Griepvaccinatie: herziening van de indicatiestelling. [URL]

van der Geest-Blankert, A.D.J. (2009). Succesvolle campagne voor griepvaccinatie in UMC St Radboud. TBV 17(2) 76-78 [PDF]

Westendorp, R. & Hak, E. (2009). Cordon sanitair. Medisch Contact (64) 13: 556-558

Advertisements
Getagged , , ,

2 thoughts on “Vaccinatie tegen influenza: wie, waarom en hoe.

  1. Annemiek schreef:

    Fijn om te zien dat wat voorlichting vruchten afgeworpen heeft.

  2. Bram Hengeveld schreef:

    Leuk! Het Nederlands Vaccin Instituut linkt naar bovenstaande blogpost op: http://www.nvi-vaccin.nl/?id=64&bid=1112

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: