Wonderolie of volksverlakkerij? Bio-oil, littekens en ‘bewijs’

Geplaatst op24 september 2009

64


facepalm!

Update! mocht u twijfelen aan het woord van een simpele student: de ASA (de reclamewaakhond in de UK) heeft korte metten gemaakt met de bio-oil reclame in Engeland. Hier in NL zijn ze echter nog steeds de bogusclaims aan het verkopen die in Engeland verboden zijn. Met dank aan beautyjournaal.nl

Update 2! Klik hier voor deel twee van ‘Bio-oil, littekens en bewijs’

De laatste tijd komt er regelmatig een reclame voorbij die me een beetje heeft geprikkeld. Ik heb het dan over de reclame van ‘bio-oil’, die belooft om littekens en striae te verminderen. Dat is natuurlijk een prachtig emotioneel onderwerp: er zijn immers genoeg mensen die zich, zoals de reclame stelt, schamen voor hun striae en littekens. De oplossing: smeren natuurlijk. Daarmee wordt dus impliciet de schaamte voor de striemen negatief bekrachtigd: inderdaad, het is iets om u voor te schamen, maar u kunt er nu echt wat aan doen. Door ons product te kopen en het te gebruiken. Vanzelfsprekend. Of…?

Nu zijn de claims die in de bio-oilreclame gemaakt worden wetenschappelijk te onderzoeken en ben ik van mening dat dat ook dient te gebeuren. After all: ‘a statement of fact cannot be insolent’. Ik was dan ook zeer benieuwd naar de vermelding van het wetenschappelijke bewijs dat de producenten van bio-oil aanvoeren. Goed, ik geef toe, gezien de doorgaans holle vaten waarop dergelijke reclames zo hard mogelijk slaan was ik enigszins argwanend. Niettemin ligt de bewijslast bij bio-oil en staat het me vrij om het statement skeptisch te benaderen. Het is immers ook niet zo dat een volledig absurde claim m.b.t. een dergelijk product zeer zeldzaam is…

Pubmed
Volgens de website van bio-oil is het unieke bestanddeel ‘Purcellin oil’. In de PubMed database komt er welgeteld één hit naar voren bij een zoektocht naar ‘Purcellin’:

An experimental study is reported of the irritant potential of oil of purcellin , isopropyl palmitate, nonyl phenol, Modulan , Amerchol and Acetulan when massaged in fixed amounts into the rabbit’s skin daily for 30 days. Skin biopsies provided data on the number of epithelial cell layers, cell counts of the superficial dermis, and the fibre and basement membrane changes. All the test compounds induced changes in the form of increased number of epithelial cell layers and of the papillary dermis cell count, more marked for Acetulan or Amerchol . The difficulties in the evaluation of the results and their applications to human pathology are discussed.

Onderzoek op konijnen dus. Naar de wijze waarop Purcellin de huid irriteert. Dat is nogal een eind verwijderd van een klinische studie naar mensen met positief resultaat. Maar daar laat men zich niet door uit het veld slaan.

Klinische testen
Een eerste blik op de website via bio-oil lijkt veelbelovend: in de menubalk is een apart kopje ‘klinische testen’ te vinden. Super! Misschien moeten deze tests nog door de mensen van PubMed verwerkt worden… (wishfull thinking?) Door op het menu-item te klikken kan men kiezen uit een aantal onderzochte onderwerpen, waaronder littekens en striae (waar u zich niet meer voor hoeft te schamen).

Het volgende grafiekje springt direct in beeld:

litteken

Tuurlijk, prachtige cijfers. Maar wat zeggen ze nu eigenlijk? Wat houdt een ‘vermindering’ in? Onder het kopje ‘methodologie’ lezen we het volgende:

  • 24 panelleden:
    22 vrouwen en 2 mannen, allen met blanke huid en tussen de leeftijd van 18 en 60
  • Gebruik: twee keer per dag
  • De littekens liepen uiteen van pas genezen plekken (6 maanden) tot oude littekens (36 maanden).
  • De littekens omvatten 12 grote littekens (bijvoorbeeld mastectomie en buikoperatie) en 14 kleine littekens (bijvoorbeeld oppervlakkige schaaf- en snijwonden). Een panellid had 3 geschikte littekens.
  • Vergelijkbare littekens (2 even ernstige littekens bij een individueel panellid), of littekens die groot genoeg waren voor het behandelen van de helft van een litteken, werden geselecteerd om een gecombineerd studieontwerp met een vergelijking binnen een individu mogelijk te maken.

Netjes om het te vermelden, dat wel. Maar verder? Een kleine onderzoeksgroep (24), van bijzonder uiteenlopende leeftijd en soorten littekens. Het ‘oppervlakkige schaaf- en snijwonden vind ik helemaal fantastisch: ik heb heel wat oppervlakkige schaaf en snijwonden gehad en als het allemaal littekens zouden zijn geworden (ik heb geen bio-oil o.i.d. gebruikt) zou m’n bijnaam Frankenstein zijn. Nu is het zo, voor zover mijn fysiologische kennis rijkt, dat oppervlakkige schaaf- en snijwonden absoluut niet zonder meer een litteken zullen vormen. Daarvoor is een beschadiging nodig van dieper gelegen huidlagen. Ook is een omschrijving van hetgeen de percentages inhouden in geen velden of wegen te bekennen. Het ‘pigmentvlekkengrafiekje’ is zowaar nog exemplarischer voor de vaagheid van de gegevens:

pigmentvlekken

Cijfertjes! Zonder eenheid. In de eerste klas van het voortgezet onderwijs zou ik er een onvoldoende voor hebben gekregen. Maar u hoeft zich op basis van dergelijke cijfers niet meer te schamen voor uw littekens en die lelijke zwangerschapsstriemen! (toch? u vindt het toch ook lelijk, net zoals de mensen van bio-oil?)

Het streven om een ‘controle’ in te bouwen (het ‘half’ behandelen van een persoon/litteken) is im grunde lovenswaardig, maar zonder verdere uitwijding over de precieze effecten en de verschillen tussen personen en de wijze waarop de verschillen precies zijn vastgesteld zegt het mij allemaal érg weinig. De teksten zijn vaag, ontwijkend en geven allerminst een beeld van rigoreus onderzoek en dito bewijs. Terloops wordt vermeld dat het wél de meest gebruikte zalf in een brandwondencentrum in Zuid-Afrika is. Misschien is het principe van evidence based practice daar nog niet zo doorgedrongen. Of ze hebben cijfers die we op de website van bio-oil niet vinden. Maar dat lijkt me weer hoogst onwaarschijnlijk, aangezien de getoonde ‘cijfers’ (voor zover ze wat voorstellen) ronduit marginaal zijn.

Voor de andere opties onder de klinische testen is het allemaal weinig anders. Veel geschreeuw, geen wol. Eén anekdote, te vinden onder ‘aanbeveling van deskundigen’ is zelfs ronduit belachelijk:

“Gezien het anekdotische bewijs dat ik onderzocht heb en mijn persoonlijke ervaring met Bio-Oil, bestaat er geen twijfel dat het opmerkelijke voordelen voor de huid biedt. In mijn 24 jaar als wetenschapper in de cosmetica ben ik zelden een meer indrukwekkend huidverzorgingsproduct tegengekomen.”

Anekdotische bewijs én persoonlijke ervaring! Alsof dat niet twee feitelijk dezelfde dingen zijn. Natuurlijk maakt de deskundigheid van John L Knowlton, bewezen in de letterbrij achter z’n  naam (C.Chem., MRSC, Dip.Cos.Sci.), het geheel direct geloofwaardig… Of zou het, afgaande op de laatste zin van het citaat, allemaal één grote berg onzin zijn, die huidverzorgingsproducten?

Nergens op de website komt men verder dan het aangegeven niveau. Het zijn anekdotes en ‘testimonials’. Droevig. Regelrechte kwakzalverij en volksverlakkerij. (het vertoont er veel kenmerken van: voor een scala aan aandoeningen bruikbaar, waaronder natuurlijk ook die verschrikkelijke veroudering van de huid, veel gebruikerservaringen en geen duidelijk bewijs) Iets waar de mensen achter bio-oil zich héél veel harder zouden moeten schamen dan de schaamte die men anderen impliciet aanpraat voor littekens en striae. Het schaamrood zou hen op de kaken moeten staan. Maar wellicht werkt bio-oil daar wél tegen.